AI raakt ook jouw werk. Tijd om daar iets mee te doen.
Op 15 oktober 2025 gaf ik een kennissessie over kunstmatige intelligentie (AI), speciaal voor gedetacheerde professionals binnen het publieke domein, georganiseerd voor MRM. De groep was gemêleerd: beleidsmedewerkers, adviseurs, projectondersteuners, allemaal met een andere achtergrond, maar met een gedeeld besef: AI komt op ons af. Sterker nog: het is er al.
Dat klinkt groot. En dat ís het ook. Maar zoals bij alles in het publieke domein: het begint met bewustzijn. Met de juiste vragen durven stellen. En met praktisch oefenen, zodat het geen buzzword blijft, maar iets waar je zelf regie op krijgt.
Waarom deze sessie?
Bij MRM zien ze wat er gebeurt in het werkveld. De vragen nemen toe. De verwachtingen ook. Tegelijk is er nog veel onzekerheid: wat is AI precies, wat kun je ermee, wat mag je ermee, en waar liggen de risico’s?
Daarom organiseerden zij deze sessie. Niet als hypepraatje, maar als inhoudelijke introductie. Zodat professionals die elke dag het publieke belang dienen, begrijpen waar we het eigenlijk over hebben. En zodat ze het gesprek over AI met opdrachtgevers, collega’s en burgers met meer vertrouwen kunnen voeren.
Een mooie stap. Zeker omdat AI-geletterdheid niet alleen wenselijk is, maar ook wettelijk verplicht, dankzij de EU AI Act. Maar eerlijk is eerlijk: wetgeving of niet, dit wil je kunnen uitleggen.
Wat hebben we gedaan?
In een middag zijn we samen door drie lagen gegaan: bewustwording, inzicht en toepassing.
- Wat is AI eigenlijk? We begonnen bij de basis. Geen technische deep dive, maar begrijpelijke uitleg over hoe AI werkt, wat er wél en niet slim aan is, en wat dat betekent voor je werkpraktijk.
- Wat betekent dit voor publieke organisaties? We bespraken concrete voorbeelden van AI-toepassingen in beleid, uitvoering en dienstverlening. We keken naar de AI Act, en naar de rol van ethiek in het publieke domein. Want kunnen ≠ mogen, en mogen ≠ moeten.
- Hoe gebruik je AI zelf? Daarna gingen we aan de slag. Deelnemers oefenden met het formuleren van prompts, kregen inzicht in verschillende tools (zoals ChatGPT, Copilot en AI Search), en leerden hoe je AI inzet als assistent, niet als vervanging, maar als versterking.
Wat me opviel: veel deelnemers waren verbaasd over wat AI nu al kan, maar vooral over hoe toegankelijk het is zodra je weet waar je op moet letten.
Wat vonden de deelnemers?
De reacties waren positief. Mensen gaven aan dat ze:
- nieuwe inzichten opdeden over wat AI is en niet is,
- praktische tips kregen om het zelf te proberen,
- zich zekerder voelden in het gesprek over AI met collega’s of opdrachtgevers.
Een greep uit de evaluatie:
“Zeer nuttige info en handvatten om AI toe te passen in mijn werk.”
“Helder uitgelegd, veel tips en concrete voorbeelden.”
“Veel wijzer geworden. Geeft echt andere inzichten.”
“Fijn tempo. Heldere presentatie. En gelukkig niet té technisch.”
Geen hype, maar houding
Wat ik bij deze groep bijzonder vond, was de open houding. Geen techno-optimisme, geen defensieve reflex. Gewoon: nieuwsgierig, kritisch, en met de bereidheid om te leren. Precies wat we nodig hebben in een domein waar publieke waarden centraal staan.
Want of je nou werkt aan burgerzaken, vergunningverlening, beleidsontwikkeling of informatievoorziening, AI gaat een rol spelen. Dan kun je maar beter voorbereid zijn.
Tot slot: AI-geletterdheid is niet optioneel
Volgens de EU AI Act is AI-geletterdheid voor mensen die met AI werken verplicht. Dat klinkt bureaucratisch, maar het is eigenlijk heel logisch. Je kunt ethisch gezien als overheid geen systemen gebruiken, of inkopen, als je niet snapt wat ze doen.
Daarom pleit ik voor méér dan een verplicht vinkje. AI-geletterdheid moet doorleefd zijn. Niet alleen weten wat het is, maar ook kunnen uitleggen wat het betekent. En wanneer je moet bijsturen.
Deze sessie bij MRM is daar een goed voorbeeld van. Klein begonnen, maar met groot potentieel. Want als deze groep professionals hun AI-basis op orde heeft, gaan ze dat ook terugbrengen naar de plekken waar ze werken.
En daar begint het pas echt.




